Bedieningsmodus 5
Deze bedieningsmodus is bedoeld voor het gebruik van de lampjes van de iLOQ NFC-lezer om de status van een klantensysteem of apparaat weer te geven, terwijl tegelijkertijd een apparaat wordt aangestuurd via relais-output K1.
Een voorbeeldtoepassing is een gebouw waarin een alarmsysteem wordt bestuurd door de NFC-lezer. Een geldige sleutel activeert de impuls voor relais-output K1, die is verbonden met het alarmsysteem. Verbind de statusinformatie van het alarmsysteem met de deurmodule IN1 om het groene lampje (LED A) te besturen en/of met IN2 om het rode lampje (LED B) te besturen. De statusinformatie die u uit het alarmsysteem brengt, moet potentiaalvrij zijn. Als u IN2 hebt verbonden, kunt u de alarmstatusinformatie opvragen via de iLOQ Manager 5-serie en het gebeurtenissenlogboek voor de alarmstatus bekijken.
In dit geval wordt de deurmodule geprogrammeerd.
De onderstaande tabel geeft weer welke inputs de outputs K1 en K2 besturen, of de outputs kalendergestuurd zijn en of de alarmstatus kan worden overgedragen aan de iLOQ Manager 5-serie.
| K1 | K2 | LED A – GROEN | LED B – ROOD | |
|---|---|---|---|---|
| Leesapparaat | X | |||
| L1 | ||||
| L2 | ||||
| IN1 | X | |||
| IN2 | X | |||
| Kalender | X |
U kunt deze installatie implementeren volgens de instructies in Alarmsystemen besturen met RFID-lezers. Stel de OPTIES dipswitches als volgt in:
| S1 | OFF |
| S2 | ON |
| S3 | OFF |
| S4 | OFF |
| S5 | OFF |
- VorigeBedieningsmodus 4
- VolgendeBedieningsmodus 6











