Cilinders programmeren
Programmeer cilinders met een programmeersleutel. In deze stap worden de eerder toegevoegde en als concepten opgeslagen cilinders geprogrammeerd.
Opmerking: Cilinders moeten worden geprogrammeerd voordat ze in gebruik kunnen worden genomen.
Selecteer Vergrendelingsapparaten > Toestellen programmeren
Stap 1/4: Toestellen
- Selecteer de cilinders die u wilt programmeren.
- Selecteer Volgende.
Stap 2/4: Actie
- Selecteer Toestellen programmeren.
- Selecteer Volgende.
Stap 3/4: Overzicht
- Het overzicht toont de acties die u in de vorige stappen hebt besloten uit te voeren. Controleer het overzicht en selecteer Bevestigen.
Stap 4/4: Feedback
- In deze laatste stap worden de acties uitgevoerd die u in de vorige stap hebt bevestigd. U kunt de acties en hun voortgang op het scherm volgen.
- Sluit uw programmeersleutel aan op de USB-poort van uw pc. Er zijn twee manieren om dit te doen:
- Sluit de programmeersleutel rechtstreeks met een USB-kabel op de pc aan (afbeelding A.).
- Sluit de programmeersleutel via een programmeeradapter op de pc aan. Sluit eerst de programmeersleutel aan op de adapter (afbeelding B1.) en sluit vervolgens de adapter met de USB-kabel op uw pc aan (afbeelding B2.).

- Daarna krijgt u de instructie om lege cilinders één voor één op de programmeersleutel te plaatsen totdat ze allemaal zijn geprogrammeerd. Er zijn twee manieren om dit te doen:
- Plaats de cilinder rechtstreeks op de programmeersleutel (afbeelding C1 en C2.).
- Plaats de cilinder op de programmeeradapter (afbeelding D1. en D2.).

- Volg de instructies op het scherm totdat alle cilinders zijn geprogrammeerd.
- Selecteer Overzicht tonen om een overzicht van de uitgevoerde acties te bekijken.
- Selecteer Sluiten wanneer u klaar bent.











